Oh jee, hij is positief!

Daar zit je dan. Om 19.30 uur start het. Een aantal andere ouders wacht met ons mee. De een bedrukt, de ander semi-optimistisch.

De semi-optimistische ouder is de zelfverzekerde ouder en de bedrukte  ouder is de ‘ik hoop maar dat het goed komt’ ouder. Ik dacht, terwijl de tijd uitliep (het was ondertussen 19.35): tot welke ouders behoren wij? Niet echt tot de bedrukte, maar ook niet tot de optimistische.

[divider]

Eerste officiële rapportgesprek

Voordat ik uitgedacht was, ging de deur open en mochten we naar binnen. Tien minuten later stonden we weer buiten. Het eerste officiële rapportgesprek van onze ‘grote’ meid was een feit. Alles ging goed met haar. Ze is sociaal en ze speelt met zowel jongetjes als met meisjes. Ze kan goed puzzelen, haar weektaakjes zijn altijd op tijd af, ze kan zich zowel alleen als in een groep goed vermaken. Ook cognitief gezien is alles oké. Alle drie (!!) de Cito-toetsen heeft ze excellent gemaakt. Ja, ze maken ook cito’s. Veel mensen zijn er op tegen. Een kleuter moet toch gewoon kunnen spelen, die moet je niet vermoeien met allerlei tests. Dat soort tests kun je nooit serieus nemen, het zijn tenslotte momentopnames. Als het kind een slechte dag heeft, zal het ook minder goed scoren. De eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik de eerste keer dat ik hoorde dat ze een cito had gemaakt, wel even schrok. Toch vind ik dat er niets mis is met onafhankelijke tests. De uitslag zou een bevestiging moeten zijn van wat men al veronderstelt. Is er een te grote discrepantie tussen het advies en de uitslag, dan ben ik bang dat er meer aan de hand is dan alleen maar een ‘slechte’ dag.

Het was de eerste keer dat ik aan de andere kant van het bureau zat. Iemand anders heeft mij verteld hoe mijn dochter het deed. Best confronterend. Aan tig ouders heb ik verteld hoe hun kind het deed, waarin het uitblonk en waarop het uitviel. Natuurlijk deed ik mijn best om alles zo helder en duidelijk te verwoorden. Alles probeerde ik in positieve bewoordingen te brengen. Maar nu had ik mij voorgenomen nog beter mijn best te doen met de oudergesprekken die nog komen zouden.

De test

Er is namelijk niets belangrijkers op deze aardkloot dan je kind.  Daar stond ik absoluut niet bij stil, die bewuste nacht van 24 op 25 december 2007. We fietsten midden in de nacht naar huis na een heerlijk kerstavondetentje bij vrienden thuis. Ik was twee dagen over tijd. Eerder op de avond, had ik mijn beste vriendin op de sms, whatsapp was toen nog geen feit. Ik vertelde haar dat ik twee dagen over tijd was en dat als ik dat nog steeds zou zijn op 27 december ik wel even een testje zou halen bij de apotheek. Nu was toch alles gesloten. “Nee joh”, zei ze, “je kunt toch ook naar de nachtapotheek?” De nachtapotheek? Dacht ik. Wat een onzin, ik zie het wel over een paar dagen. Ik had nog nooit een zwangerschapstest gedaan en hoe groot is de kans nou dat ik zwanger ben?

Toen we net op de fiets zaten, zei ik tegen mijn man: “We kunnen toch voor de gein even langs de nachtapotheek fietsen, lachen joh!” Hij vond het allemaal prima, maar ik kon aan zijn gezichtsuitdrukking zien dat hij eigenlijk gewoon door wilde fietsen naar huis. Een half uur later stonden we in de badkamer met de goedkoopste test die de apotheek had, hij zou toch negatief zijn en dat zou weer zonde zijn van het geld. De bijsluiter werd er bij gepakt en ontfutseld, waarom vouwen ze die dingen altijd op een onmogelijke manier? Hoewel mijn man moe was en eigenlijk gewoon het bed in wilde duiken, bleef hij er toch even bij staan. Dertig seconden moesten we wachten. Toen de halve minuut verstreken was, keken we tegelijk. Toen we de streepjes zagen, moesten we toch nog even de bijsluiter erbij pakken. Wanneer was hij nou positief en wanneer negatief? Dat moment zullen we beide nooit vergeten. De test was positief. En nu? We keken elkaar aan en ik zei letterlijk: “Oh jee, hij is positief!”

Blijdschap, angst en kleine zorgen

Ondanks dat we bezig waren met zwanger worden, kwam dit toch wel heel snel. Ik had gelezen dat het gemiddeld een half jaar tot een jaar duurde voordat je zwanger werd. Ik was net drie maanden bezig. En nu was het al raak. Miljoenen gedachten maakten overuren in mijn hoofd. De slaap die mij een half uur geleden had bedwelmd, was plots verdwenen. Er zat een kindje in mijn buik. Nou ja, kindje, iets dat leefde. Maar toch, het leefde en het zou , als alles goed ging, negen maanden later resulteren in mijn dochter of zoon. Die gedachte maakte mij intens blij en tegelijkertijd heb ik nooit zoiets beangstigends gevoeld. Op dat moment begon niet alleen de blijdschap, maar ook de ongerustheid. Wat als, wat als, wat als……?

Deze zwangerschap moest goed gaan. Ik zou mijn uiterste best doen en niets aan het toeval overlaten. Boeken, tijdschriften en websites over baby’s las ik niet, ik verslond ze. Ik was een spons, absorbeerde alles maar dan ook alles wat ik tot me kreeg. Gelukkig heb ik een nuchtere man, hij compenseerde mijn dwangmatige behoefte naar babyinformatie en floot me zo nu en dan terug op aarde. Samen hebben we de zwangerschap doorstaan, hij heeft geen enkele controle overgeslagen en voorzag mij van patatjes met frietmix van de Bram Ladage wanneer ik er ook maar om vroeg. Want, zei ik, als ik bevallen ben, dan ben ik rustiger en zullen de zorgen verdwijnen. Niet wetende dat de echte zorgen pas later zouden komen, als de baby er was. De zorgen van: wordt ze ooit nog beter (en mooi!) na die waterpokken, zullen de kindjes van de crèche niet per ongeluk in haar gezicht krabben of nog erger haar ogen er uit krabben, zullen ze bij het aaien niet te hard over haar fontanelletje gaan, zal ze zelf lief zijn tegen de andere kindjes en tegen de juffen, zal ze op tijd beginnen met lopen en praten, zal ze als ze eenmaal kan lopen, onderweg naar de buren niet in de sloot vallen (alsof je daar een sloot hebt, maar toch), zal ze van zich af kunnen bijten als andere kindjes naar tegen haar doen, zal ze het goed doen op school?

Ondertussen zijn we vijf en een half jaar verder en genieten we van het liefste meisje op de wereld. Een meisje met prachtige eigenschappen en een mooi karakter, maar ook een meisje met haar tekortkomingen. Alle cliché’s kloppen. Kleine meisjes, kleine zorgen, grote meisjes, grote zorgen. Natuurlijk ben ik blij met dat prachtige rapport, maar ik maak me nu al zorgen om al die puisterige jongens die over een jaar of 12 op hun scootertjes bij ons voor de deur staan om ons prinsesje op te halen. Brrrrrrrr….. gelukkig duurt dat nog heel lang. Nu maar genieten van alle kleine zorgen!

[divider]

Saartje van Tol